Lichaam & Geest

Sport: 'Ik ben een soort klimorganisme'

 

Lichaam

"Het mooie van mijn lichaam is dat ik nergens last van heb, en zelfs behoorlijk fit ben. En toch, het klinkt misschien gek, is het een zootje. Alles aan mij heeft een historie: mijn pinken, enkels, polsen, knieën zijn ooit gekneusd, gebroken of verzwikt. En dat kwam dan door overbelasting of een onorthodoxe houding tijdens het klimmen. Je gebruikt voornamelijk je rug, en die spieren zijn bij mij door de belasting sterker én korter geworden. Om problemen te voorkomen, moet ik die na een dag klimmen goed stretchen. Ik ben eigenlijk door mijn lengte helemaal niet geschikt voor deze sport want ik moet heel veel gewicht omhoog trekken. Al maakt dat mijn armen natuurlijk weer sterker. Ook mijn benen helpen wat dat betreft niet mee, want het zijn echte fietsbenen; door het vele mountainbiken dat ik naast het klimmen doe. Spierweefsel is zwaar, zelfs zwaarder dan vet, en mijn benen wegen dus nogal wat. De echte toppers letten op hun voeding, maar ik niet. Ik ben maar een fanatieke weekend-warrior, niet zo'n health-freak."

 

Geest

"Als ik in de Alpen aan een rots hang, en het gaat lekker, dan besta ik niet meer. Ik ben totáál bezig, en alles gaat automatisch: dan ben ik een soort klimorganisme. Ik voel een constante concentratie. Waar kan ik me vastpakken? Wat is het veiligst? Dat gevoel, die onderdompeling in mezelf, daar ben ik naar op zoek. Niet naar gevaar. Dat klimmers thrill-seekers zijn en adrenaline-stoten najagen, is een misvatting. Ik vind daar niks aan. Ik wil mijn angst overwinnen als ik in de problemen kom. Het grappige is dat angst je leert om grenzen te stellen. Wat durf je nog aan, en wat niet? Als je nergens bang voor bent, dan val je zeker een keer naar beneden. Als ik twijfel over het beklimmen van een berg, doordat de omstandigheden ineens verslechterd zijn, dan ga ik niet. Al ben ik wel op zoek naar avontuur. Een lange route door de sneeuw en over rotsen, dat is het mooist. Maar dan moeten niet alle paden al uitgezet zijn, of de rotsen voorzien zijn van haken om je vast te houden. Enige onzekerheid en spanning horen bij de sport, vind ik. Het is een strijd tegen jezelf. Als je ondersteboven aan een rots hangt, laat je lichaam weten dat het zich niet op zijn gemak voelt. Dan is het een kwestie van rationeel denken, en vooral rustig blijven. Zo kun je jezelf overtuigen, en de angst overwinnen."

Sven Baijens

 

 

| bovenkant pagina |


© Observant, © HOP | laatst gewijzigd: 01 december 2005